eruit halen wat erin zit.

Meld u aan voor onze nieuwbrief

Banksparen gunstig alternatief?

Fiscaal voordelig sparen voor pensioen, woning, uitvaart of stamrecht

Wist u dat u ook fiscaal voordelig kunt sparen voor uw oude dag of voor de eigen woning bij een bank of beleggingsinstelling? Tot 2008 was dit alleen mogelijk bij een levensverzekeraar, maar sinds die tijd bestaat 'banksparen'. U kunt sparen voor extra inkomsten naast uw pensioen (lijfrentesparen), de aflossing van uw hypotheek (eigenwoningsparen), uw uitvaart of een stamrecht (stamrechtbanksparen).

Belangrijkste kenmerken van banksparen

  • U spaart via een geblokkeerde spaar- of beleggingsrekening.
  • De kosten zijn vaak lager dan wanneer u een polis afsluit bij een verzekeraar.
  • Overlijdt u tijdens de opbouwfase, dan komt het saldo van de rekening (via periodieke uitkeringen) volledig toe aan uw erfgenamen.
  • Wilt u het risico van overlijden of arbeidsongeschiktheid beperken, dan dient u alsnog een risicoverzekering af te sluiten bij een verzekeringsmaatschappij.

Fiscaal voordelig sparen voor uw pensioen

Heeft u een pensioentekort, dan kunt u sparen voor extra inkomsten naast uw pensioen. Premies die u betaalt voor lijfrenten zijn onder bepaalde voorwaarden aftrekbaar. Sinds 2008 kunt u ook een lijfrentespaarrekening afsluiten bij een bank/financiële instelling of een lijfrentebeleggingsrecht bij een beleggingsinstelling.

De premies zijn alleen aftrekbaar als u spaart op een geblokkeerde rekening en een aantoonbaar pensioentekort heeft. De hoogte van het aftrekbare bedrag wordt bepaald aan de hand van de jaarruimte en/of de reserveringsruimte. Het maximumbedrag dat als premiegrondslag in aanmerking wordt genomen, is € 159.741 (2010: € 158.788).

Voorwaarden

Belangrijkste voorwaarden voor een bancaire lijfrente:

  • De termijnen moeten met een gelijke tussenperiode van hooguit een jaar worden uitgekeerd.
  • Lijfrentetermijnen moeten uiterlijk ingaan in het kalenderjaar waarin de verzekeringnemer 70 jaar wordt.
  • De minimale looptijd is 20 jaar.
  • Als de uitkering begint voor het 65e jaar, wordt de termijn van 20 jaar verlengd met ieder jaar dat men voor het 65e jaar begint met uitkeren.
  • Het is toegestaan vanaf 65 jaar een periodieke uitkering aan te kopen met een minimale looptijd van 5 jaar als de jaarlijkse termijnen niet meer bedragen dan € 20.602 (2010: € 20.479).
  • Bij overlijden moeten de termijnen toekomen aan een natuurlijk persoon en direct ingaan.
  • In de situatie dat de begunstigde ouder is dan 30 jaar, moeten bij overlijden de termijnen minimaal 20 jaar lopen.
  • Als de begunstigde jonger is dan 30 jaar, moeten de termijnen minimaal 5 jaar lopen, maar het moet uiterlijk eindigen in het jaar dat de begunstigde 30 jaar wordt. Een looptijd van 20 jaar is ook toegestaan.
  • Als bij overlijden de termijnen toekomen aan de echtgeno(o)t(e)/(gewezen) partner of begunstigden die niet vallen onder de kring bloed- of aanverwanten in de rechte lijn of in de tweede of derde graad van de zijlijn, moeten de termijnen minimaal 5 jaar lopen.
  • Kleine lijfrenten mogen direct worden afgekocht.
  • De uitkeringen bij overlijden gaan over naar de erfgenaam van de rekeninghouder als de rekeninghouder overlijdt.

Wettelijke termijn vaststellen lijfrentetermijnen

Vanaf 1 januari 2010 geldt een wettelijke termijn voor het vaststellen van de lijfrentetermijnen na de opbouw van een lijfrente. De termijn eindigt bij leven op 31 december van het jaar volgend op het jaar van expiratie. Bij overlijden eindigt de termijn op 31 december van het tweede jaar volgend op het jaar van expiratie. 

Aandachtspunten

Levenslange uitkering

De bancaire lijfrente voorziet niet in een levenslange uitkering (20 jaar). Er zullen hierdoor verschillen gaan ontstaan in de hoogte van de termijnen tussen banken en verzekeraars door de andere rekenmethodiek. Een keuze dus voor de belastingplichtige.

Overlijden

Een bank kan geen overlijdensrisicodekking bieden. Hiervoor zal een belastingplichtige toch nog aangewezen zijn op een verzekeraar.

Duur lijfrente-uitkeringen

Een bancaire lijfrente gaat na het overlijden van de rechthebbende door naar de erfgenaam. Overlijdt de erfgenaam, dan gaat het door naar diens erfgenaam, enzovoort. Een verzekeringslijfrente stopt na het overlijden van de verzekerde(n). Vermogensverlies bij een verzekeringslijfrente kan worden afgedekt door een contraverzekering. Dit is bij een bancaire lijfrente niet nodig.

Bedrijfsopvolger

Wordt een stakingslijfrente bedongen bij een bedrijfsopvolger, dan zal dit de vorm moeten hebben van een verzekeringslijfrente. Een bedrijfsopvolger is geen toegestane aanbieder voor een bancaire lijfrente.

Oud regime lijfrente

Pre-bredeherwaarderingslijfrenten kunnen niet zonder fiscale gevolgen worden voortgezet bij banken. De lijfrente moet dan gaan voldoen aan de voorwaarden van de Wet IB 2001. Vaak zal dit niet aantrekkelijk zijn.

Fiscaal voordelig sparen voor de aflossing van uw hypotheek

Sluit u een kapitaalverzekering eigen woning af, dan kunt u onbelast sparen voor de aflossing van uw hypotheek of uw eigenwoninglening. Sinds 2008 kan dit ook met een spaarrekening eigen woning (SEW) of een beleggingsrecht eigen woning (BEW).

Belangrijkste voorwaarden voor eigenwoningsparen

  • U moet een eigen woning met eigenwoningschuld hebben.
  • De spaarrekening of het beleggingsrecht moet worden aangehouden bij een erkende bank, kredietinstelling of beleggingsmaatschappij.
  • Het moet gaan om een geblokkeerde spaar- of beleggingsrekening, die slechts eenmalig kan worden gedeblokkeerd voor de aflossing van de eigenwoningschuld.
  • Er moet jaarlijks minimaal 15 jaar, of tot uw overlijden, worden ingelegd binnen een bandbreedte van 1:10.
  • De behaalde rendementen moeten worden bijgeboekt op de spaarrekening of worden gebruikt om beleggingsrechten aan te kopen.

Vrijstelling eigenwoningsparen

Op het moment dat de spaarrekening wordt gedeblokkeerd en de uitkering wordt gebruikt om de eigenwoningschuld af te lossen, heeft u recht op een vrijstelling. De vrijstelling is maximaal € 34.300 (2010: € 34.100) als u minimaal vijftien jaar heeft gespaard. Heeft u twintig jaar of langer gespaard, dan is de vrijstelling maximaal € 151.000 (2010: € 150.500). De vrijstelling geldt per belastingplichtige. Bent u dus getrouwd of woont u samen, dan kunt u beiden de vrijstelling krijgen. U hebt in uw leven slechts één keer recht op de vrijstelling. Gebruikt u de vrijstelling niet helemaal, dan kunt u het restant wel gebruiken voor een volgende keer.

Fiscaal voordelig sparen voor uw uitvaart

Voor een uitvaartverzekering of een andere overlijdensrisicoverzekering geldt in box 3 een vrijstelling. Sinds 1 januari 2010 bestaat deze vrijstelling ook voor banksparen. U spaart dan op een geblokkeerde rekening voor de uitvaart van uzelf, uw partner of een bloed- of aanverwant. De vrijstelling bedraagt  
€ 6.744 (2010: € 6.703).  

Fiscaal voordelig sparen voor een stamrecht

Wordt u ontslagen en heeft u recht op een ontslagvergoeding, dan kunt u deze sinds 1 januari 2010 ook onderbrengen bij een bank of beleggingsinstelling. Uw voormalige werkgever stort de bedragen die u ontvangt ter vervanging van gederfd of te derven loon dan op een geblokkeerde spaar- of beleggingsrekening (stamrechtspaarrekening/stamrechtbeleggingsrekening). Mits voldaan wordt aan verschillende voorwaarden, wordt dit vrijgesteld van loonbelasting. Het tegoed op deze rekening en de opgebouwde rechten kunnen vervolgens in termijnen worden uitgekeerd. De uitkeringen zijn belast.

Tot slot

Uiteraard wilt u als ondernemer weten of banksparen u voordeel kan opleveren. Laat u hierover nader informeren door uw adviseur.