eruit halen wat erin zit.

Meld u aan voor onze nieuwbrief

Banksparen

Alternatief in crisistijd

Vanaf 1 januari 2008 is een nieuwe wet van kracht. Hiermee is het mogelijk om lijfrentecontracten te sluiten bij banken/ beleggingsinstellingen of om fiscaal gefacilieerd te sparen voor de eigen woning. Dit is niet meer exclusief voorbehouden aan levensverzekeraars. Sinds 2010 is banksparen ook mogelijk voor een stamrecht.

Waarom banksparen

Met deze extra mogelijkheid om uw oudedagsvoorzieningen onder te brengen, hoopt de regering dat de concurrentie tussen banken en verzekeraars zal toenemen en er meer transparantie in de kostenstructuur zal ontstaan. Daarnaast zou bij banken meer opgebouwd kunnen worden bij dezelfde inleg. Door deze wet is de ‘aftrekruimte’ niet vergroot. Er komt alleen aan een toegestane aanbieder van dit soort producten bij.

Bij wie kunt u terecht?

Naast levensverzekeraars mogen nu ook kredietinstellingen of beheerders optreden als uitvoerders van lijfrentecontracten. Kredietinstellingen zijn instellingen die in Nederland het bankbedrijf mogen uitoefenen, mits deze onderneming de verplichting van de lijfrente voor de vennootschapsbelasting rekent tot het binnenlands ondernemingsvermogen. Beheerders zijn financiële ondernemingen die ingevolge de Wft in Nederland het bedrijf van beleggingsinstelling mogen uitoefenen, en die zijn gevestigd in Nederland.

Voorwaarden

De belangrijkste voorwaarden voor een bancaire lijfrente:

  • De termijnen moeten met een gelijke tussenperiode van ten hoogste een jaar worden uitgekeerd.
  • Lijfrentetermijnen moeten uiterlijk ingaan in het kalenderjaar waarin de verzekeringnemer 70 jaar wordt.
  • De minimale looptijd is 20 jaar.
  • Als de uitkering begint voor het 65e jaar, wordt de termijn van 20 jaar verlengd met ieder jaar dat men voor het 65e jaar begint met uitkeren.
  • Het is toegestaan vanaf 65 jaar een periodieke uitkering aan te kopen met een minimale looptijd van vijf jaar als de jaarlijkse termijnen niet meer bedragen dan € 20.479 (2009: € 20.097).
  • Bij overlijden moeten de termijnen toekomen aan een natuurlijk persoon en direct ingaan.
  • In de situatie dat de begunstigde ouder is dan 30 jaar moeten bij overlijden de termijnen minimaal 20 jaar lopen.
  • Als de begunstigde jonger is dan 30 jaar moeten de termijnen minimaal vijf jaar lopen, maar het moet uiterlijk eindigen in het jaar dat de begunstigde 30 jaar wordt. Een looptijd van 20 jaar is ook toegestaan.
  • Als bij overlijden de termijnen toekomen aan de echtgenote/(gewezen) partner of begunstigden die niet vallen onder de kring bloed- of aanverwanten in de rechte lijn of in de tweede of derde graad van de zijlijn, moeten de termijnen minimaal vijf jaar lopen.
  • Kleine lijfrenten mogen direct worden afgekocht.
  • De uitkeringen bij overlijden gaan over naar de erfgenaam van de rekeninghouder als de rekeninghouder overlijdt.

Maximale premiegrondslag

Het maximumbedrag dat als premiegrondslag in aanmerking wordt genomen is € 158.788 (2009: € 155.827).

Wettelijke termijn vaststellen lijfrentetermijnen

Vanaf 1 januari 2010 geldt een wettelijke termijn voor het vaststellen van de lijfrentetermijnen na de opbouw van een lijfrente. De termijn eindigt bij leven op 31 december van het jaar volgend op het jaar van expiratie. Bij overlijden eindigt de termijn op 31 december van het tweede jaar volgend op het jaar van expiratie.

Aandachtspunten

Levenslange uitkering

De bancaire lijfrente voorziet niet in een levenslange uitkering (20 jaar). Er zullen hierdoor verschillen gaan ontstaan in de hoogte van de termijnen tussen banken en verzekeraars door de andere rekenmethodiek. Een keuze dus voor een belastingplichtige.

Overlijden

Een bank kan geen overlijdensrisicodekking bieden. Hiervoor zal een belastingplichtige toch nog aangewezen zijn op een verzekeraar.

Duur lijfrente-uitkeringen

Een bancaire lijfrente gaat na het overlijden van de rechthebbende door naar de erfgenaam. Overlijdt de erfgenaam, dan gaat het door naar diens erfgenaam, enz. Een verzekeringslijfrente stopt na het overlijden van de verzekerde(n). Vermogensverlies bij een verzekeringslijfrente kan worden afgedekt door een contraverzekering. Dit is bij een bancaire lijfrente niet nodig.

Bedrijfsopvolger

Wordt een stakingslijfrente bedongen bij een bedrijfsopvolger, dan zal dit de vorm moeten hebben van een verzekeringslijfrente. Een bedrijfsopvolger is geen toegestane aanbieder voor een bancaire lijfrente.

Oud regime lijfrente

Zogenoemde pre-bredeherwaarderingslijfrenten kunnen niet zonder fiscale gevolgen worden voortgezet bij banken. De lijfrente moet dan gaan voldoen aan de voorwaarden van de Wet IB 2001. Vaak zal dit niet aantrekkelijk zijn.

Stamrechtbanksparen

Vanaf 1 januari 2010 kan een ex-werknemer zijn ontslagvergoeding ook onderbrengen bij een bank of beleggingsinstelling. De voormalige werkgever maakt de bedragen die de ex-werknemer ontvangt ter vervanging van gederfd of te derven loon, over naar een geblokkeerde spaarrekening of beleggingsrekening (stamrechtspaarrekening/stamrechtbeleggingsrekening).Dit kan vrijgesteld van loonbelasting. Het tegoed op deze rekening en de opgebouwde rechten kunnen vervolgens in termijnen worden uitgekeerd. De uitkeringen zijn belast.

Eigenwoningsparen

De wet IB 2001 is ook uitgebreid met de spaarrekening eigen woning (SEW) en het beleggingsrecht eigen woning (BEW). De betreffende voorwaarden zijn zoveel mogelijk gelijk aan die van de kapitaalverzekering eigen woning van art. 3.116 Wet IB 2001.

Belangrijkste voorwaarden:

  • De rekeninghouder moet een eigen woning met eigenwoningschuld hebben.
  • Er moet jaarlijks minimaal 15 resp. 20 jaar worden ingelegd binnen een bandbreedte van 1:10.
  • De looptijd van 30 jaar mag niet worden overschreden.
  • De vrijstelling per belastingplichtige is maximaal € 150.500 (2009: € 147.500) indien tenminste 20 jaar lang jaarlijks premies zijn voldaan (€ 34.100 bij 15 jaar inleg).

Op het moment dat niet meer wordt voldaan aan de voorwaarden voor een SEW/BEW, wordt de rente in de SEW/BEW direct belast.

Uw SRA-Adviseur

Uiteraard wilt u als ondernemer weten of banksparen u voordeel kan opleveren. Laat u hierover nader informeren door uw SRA-Adviseur.