Aanpassing antimisbruikbepaling overdrachtsbelasting


Prinsjesdag | Sinds 1 april 2021 mag de startersvrijstelling voor de overdrachtsbelasting alleen toegepast worden wanneer de waarde van de verkregen woning niet boven de € 400.000 uitkomt. Er zou misbruik kunnen worden gemaakt van dit maximumbedrag door de woning gefaseerd te verkopen.


Bijvoorbeeld door eerst het woongenot te verkopen, gevolgd door de verkoop van de rest van de eigendom. Daarom is een antimisbruikbepaling opgesteld, die het totaal van de waarde van de verkregen woning en de rechten waaraan deze is onderworpen bij elkaar optelt.


Voorgesteld wordt om een tweetal onduidelijkheden in deze antimisbruikbepaling weg te nemen:


  1. Wanneer als gevolg van een opeenvolgende verkrijging binnen één jaar de waarde van de verkregen woning tezamen onder de woningwaarde grens van € 400.000 uitkomt, is aanvullend alleen overdrachtsbelasting verschuldigd over de waarde van de opvolgende verkrijging.

  2. Wanneer de eerste verkrijging voor 1 april 2021 heeft plaatsgevonden en de opeenvolgende verkrijging daarna, dan is de antimisbruikbepaling niet van toepassing.

Tot slot wordt voorgesteld om deze antimisbruikbepaling niet te laten gelden in geval van verkrijgingen krachtens erfrecht of huwelijksvermogensrecht.