Bovengemiddelde omzet- en winstontwikkeling in de industrie


Over de hele linie zijn de cijfers verbeterd | Voor de industrie is 2021 een jaar van sterk herstel geweest. Zowel wat betreft omzet als qua toegevoegde waarde heeft de branche de niveaus van voor de coronacrisis overtroffen. Over bijna de hele linie hebben industriële ondernemers geprofiteerd van een robuuste vraag. Wel zorgden schaarste en leveringsproblemen hier en daar voor een rem op de groei, maar tot nu toe heeft de branche de hogere kosten goed kunnen doorberekenen.


Dit komt naar voren uit het nieuwe SRA-rapport ‘Branches in Zicht 2022, de harde cijfers van Nederlandse ondernemingen’.


Bovengemiddelde omzet- en winstgroei

Na een jaar van krimp heeft de industrie zich in 2021 duidelijk herpakt, met een omzetstijging van bijna 21%. Daarmee doet de branche het aanmerkelijk beter dan het mkb als geheel (+10%). Ook de winstontwikkeling is met +45,6% sterker dan het mkb-gemiddelde (37,6%). Voor zowel de omzet als de winst betekent dit de sterkste ontwikkeling voor de industrie in zeven jaar.


Ook als we vergelijken met de situatie voor de coronacrisis heeft de industrie het goed gedaan. Zowel de omzet- als de winstontwikkeling is in 2021 aanmerkelijk beter dan in 2019. Wel blijft de branche in deze vergelijking enigszins achter bij de plussen voor het mkb als geheel, maar dit komt ook doordat sommige andere branches in 2020 veel sterker zijn teruggevallen dan de industrie.


Over bijna hele linie verbetering

Binnen de industrie is het in 2021 bijna in alle segmenten beter gegaan dan een jaar eerder. Zo is het deel van de industriële ondernemingen dat de omzet stabiel heeft zien blijven of heeft zien toenemen, gestegen van minder dan de helft naar bijna 66%. In 20% van de gevallen ging het zelfs om een omzetstijging van 50% of meer. Tegelijkertijd heeft ruim 60% van de industriële bedrijven de winst zien stabiliseren of stijgen (tegenover iets meer dan 51% in 2020).


Personeelskosten relatief sterk omhoog

De personeelskosten zijn met ruim 8% toegenomen, versus +7,7% voor het mkb als geheel. In 2021 hebben nog relatief weinig industriële ondernemers de NOW-regeling aangevraagd, die in mindering kan worden gebracht op de personeelskosten. Dit kan een verklaring zijn voor het verschil met het voorgaande jaar (een lichte daling). Per saldo zijn de loonkosten met bijna 5% gestegen, tegenover een groei van bijna 1% een jaar eerder.


Verdere groei eigen vermogen

Het eigen vermogen is bijna 23% hoger uitgekomen. Deze stijging is groter dan in 2020 (bijna 15%) en ook sterker dan het mkb-gemiddelde. De langlopende schulden zijn in 2021 met bijna 3% toegenomen. Deze stijging is beperkter dan in voorgaande jaren, maar in het mkb als geheel was juist een daling van bijna 4% te zien. Dit beeld wordt wellicht vertekend doordat hieronder ook uitgestelde belastingbetalingen zijn opgenomen. De kortlopende schulden zijn relatief sterk gestegen: +20%, tegenover een daling van 2% een jaar eerder en +10,5% voor het mkb als geheel.


Lichte verbetering financiële positie

De financiële positie van bedrijven in de industrie is licht verbeterd. Uit de analyse van SRA-BiZ blijkt dat het percentage ondernemingen dat aan de financiële verplichtingen kan voldoen (een PD-rating <1%), is uitgekomen op bijna 89. Dit betekent een verbetering ten opzichte van het voorgaande jaar (bijna 84). De branche doet het daarmee iets beter dan het mkb-gemiddelde ruim 86%).